Onderzoekend vermogen

In dit hoofdstuk is het bewijsmateriaal voor de competentie “onderzoekend vermogen” opgenomen. De betekenis hiervan is als volgt: De student toont in zijn werkwijze een nieuwsgierige en kritische houding. Hij hanteert een passende onderzoeksaanpak die resulteert in bruikbare resultaten (Vereniging Hogescholen, 2018). De competentie bestaat uit vier deelcompetenties. Iedere deelcompetentie komt apart aan bod en is voorzien van bewijsmateriaal, elk met bijbehorende onderbouwing.

Inhoudsopgave

De student heeft zich aantoonbaar kritisch en onafhankelijk opgesteld. Het vraagstuk is vanuit meerdere invalshoeken bekeken.

Meerdere invalshoeken bekeken

Bewijsmateriaal 1

DESTEP analyse & SWOT analyse

Onderbouwing bewijsmateriaal 1

Om een compleet beeld te krijgen van het probleem, moet er ook een compleet beeld van de onderneming en de omgeving zijn. Daarom is er een SWOT-analyse en een DESTEP-analyse gemaakt. Hierdoor krijg je een completer beeld van het gehele probleem.

Bewijsmateriaal 2

Aanleiding onderzoek + de 6 klantgesprekken met antwoorden.

Onderbouwing bewijsmateriaal 2

In het kopje ‘aanleiding’ van het onderzoek staat veel informatie. Om het probleem vanuit meerdere invalshoeken te bekijken, is er niet alleen gekeken naar de opdrachtgever, maar ook naar 6 verschillende klanten. Zo krijg je van alle kanten informatie.

Bewijsmateriaal 3

360 graden feedback – Hans Nieuwenburg – rode tekst- onderzoekend vermogen – Voorbeeld(en) omschrijven waaruit blijkt dat het goed gaat.
360 graden feedback – Bas van Basten – rode tekst – onderzoekend vermogen – Voorbeeld(en) omschrijven waaruit blijkt dat het goed gaat.

Aanvullend is er ook gespard met relatief minder relevante partijen over deze kwestie, zoals met de coachgroep, Ferdi Pol en Marteyn Roes bij een biebmiddag.

Onderbouwing bewijsmateriaal 3

Uit de bewijzen hierboven blijkt dat ik alles eraan heb gedaan om zoveel mogelijk invalshoeken en meningen te krijgen over dit probleem. Zo wist ik zeker dat het een compleet beeld zou krijgen, en dat niet zomaar het verkeerde probleem wordt aangepakt.

De student toont een kritisch en onafhankelijke houding door:

Bewijsmateriaal 4

Aanleiding onderzoek + de 6 klantgesprekken met antwoorden.

Onderbouwing bewijsmateriaal 4

In het kopje ‘aanleiding’ van het onderzoek staat veel informatie. Hier worden ook de klantinterviews benoemd. Hier is te zien dat vaak doorgevraagd wordt, om zo echt het probleem achter het probleem te achterhalen.

Bewijsmateriaal 5

Aanbeveling van het onderzoek + analyseschema

Onderbouwing bewijsmateriaal 5

In het kopje ‘aanbeveling’ van het onderzoek staat veel informatie. Zo stond in de aanleiding dat ze op zoek zijn naar een inkoop-voorraadsysteem. Echter is die oplossing losgelaten door de informatie die vanuit alle interviews is gekomen, en is er een geheel nieuwe oplossing bedacht. Nu heeft De Nieuwenburgt een kassasysteem die alle problemen verhelpt.

Bewijsmateriaal 6

360 graden feedback – Hans Nieuwenburg – Onderzoekend vermogen – rode tekst – Voorbeeld(en) omschrijven waaruit blijkt dat het goed gaat.
360 graden feedback – Gerard Bosman – Onderzoekend vermogen – rode tekst – Voorbeeld(en) omschrijven waaruit blijkt dat het goed gaat.

Onderbouwing bewijsmateriaal 6

In het feedbackformulier van Hans is te zien dat hij vindt dat er goed onderscheid is gemaakt tussen meningen en eisen. Eisen zijn waar de oplossing aan moet voldoen (hiervoor is ook de aanbeveling te lezen), en meningen gaan vooral over hoe het onderzoek verloopt, of iedereen het ermee eens is en waar kleine verbeterpunten mogelijk zijn. Gerard zegt dat hij het knap vindt dat ik zo’n groot onderzoek in zo’n korte tijd heb gedaan. Dit komt deels door te kaderen en problemen samen te voegen, en daardoor het probleem achter het probleem te begrijpen.

De student heeft relevante theorie en modellen opgenomen en onderbouwd (theoretisch kader)

Bewijsmateriaal 7

Lees voor deze deelcompetentie heel het theoretisch kader van het onderzoek.

Onderbouwing bewijsmateriaal 7

Lees het theoretisch kader door om te zien welke modellen zijn gebruikt en waarom. 

Bewijsmateriaal 8

Lees voor deze deelcompetentie het stukje: Reflectie plan van aanpak

Onderbouwing bewijsmateriaal 8

Hier is te zien dat ik meerdere modellen eruit gehaald heb. Dit omdat deze niet als bruikbaar werden gezien en geen toevoeging zouden zijn voor het onderzoek. Hiermee is aangetoond dat ik (de student) alleen relevante theorie en modellen heeft gebruikt.

Extra onderbouwing bewijsmateriaal 7

In mijn onderzoek heb ik een stukje toegevoegd met de titel “Waarom past het bij dit onderzoek?” speciaal voor het DMAIC-model (het belangrijkste model, terug te vinden in het kopje Theoretisch kader). Hiermee wil ik niet alleen uitleggen wat het model doet, maar ook waarom het zo goed past bij mijn onderzoek. Het idee is om duidelijk te maken waarom juist dit model het beste is voor mijn onderzoek.

De student heeft passende acties doordacht en uitgevoerd om de kwaliteit van zijn onderzoek te waarborgen (verantwoording onderzoeksmethode)

Bewijsmateriaal 9

Lees voor deze deelcompetentie heel hoofstuk 5 vanaf Methode van onderzoek tot hoofdstuk 6. Resultaten.

Onderbouwing bewijsmateriaal 9

Lees heel deze tekst door. Hierin staat wat er allemaal precies gedaan is om dit onderzoek te doen. Dit is op een zo transparant mogelijke manier gedaan.

Bewijsmateriaal 10

Lees voor deze deelcompetentie het stukje: Reflectie plan van aanpak

Onderbouwing bewijsmateriaal 10

Hier is te zien dat ik meerdere modellen eruit gehaald heb. Dit omdat deze niet als bruikbaar werden gezien en geen toevoeging zouden zijn voor het onderzoek. 

Bewijsmateriaal 11

360 graden feedback – Hans Nieuwenburg – Onderzoekend vermogen – rode tekst – Voorbeeld(en) omschrijven waaruit blijkt dat het goed gaat.

Onderbouwing bewijsmateriaal 11

Het geeft aan dat, tegen de verwachtingen van zowel mij als onderzoeker als de opdrachtgevers, gekeken is naar een kassasysteem. De student zag de valkuilen van alleen een voorraadsysteem en heeft objectief gekeken naar de gegevens, om zo tot de conclusie te komen dat een kassasysteem beter werkt.

Bewijsmateriaal 12

360 graden feedback – Hans Nieuwenburg – Onderzoekend vermogen – rode tekst – Eventuele overige opmerkingen & zelfreflectie 2

Onderbouwing bewijsmateriaal 12

Na aanleiding van de eerste feedbackronde, kwam eruit dat ik alles tegelijk wil en dat ik misschien iets rustiger moest doen. Daarom is er gekozen om elk idee (en dat was op dat moment al het kassasysteem) eerst rustig uit te werken, en daarna pas te behandelen met iedereen. Doordat ik me inlees en voorbereid, konden meer vragen beantwoord worden dan vooraf nodig lijkt. Ook konden meer vragen gesteld worden tijdens het interview zelf. Hierdoor is meer bruikbare informatie achterhaald.

De student laat zien dat de onderzoekresultaten voldoende bruikbaar zijn.

Bewijsmateriaal 13

360 graden feedback – Hans Nieuwenburg – Creëert de student draagvlak? – rode tekst.
360 graden feedback – Hans Nieuwenburg – Algemene bevindingen – rode tekst.

Onderbouwing bewijsmateriaal 13

De opdrachtgever geeft in de bewijslast aan dat de resultaten bruikbaar zijn. De oplossing is op dit moment zelfs al in gebruik.

Bewijsmateriaal 14

Hoofdstuk 7 Conclusie & hoofdstuk 8 Aanbeveling

Onderbouwing bewijsmateriaal 14

Om een bruikbaar onderzoek te doen, moet het ook zo valide mogelijk zijn. Daarmee krijg je bruikbare resultaten als gevolg. Daarom is als bewijs 15 ook de methode van onderzoek weer toegevoegd. Maar de conclusie en de aanbeveling laat zien dat de onderzoeksresultaten bruikbaar zijn, samen met bewijsmateriaal 13.

Bewijsmateriaal 15

Lees voor deze deelcompetentie heel hoofstuk 5 vanaf Methode van onderzoek tot hoofdstuk 6. Resultaten.

Onderbouwing bewijsmateriaal 15

Lees heel deze tekst door. Hierin staat wat er allemaal precies gedaan is om dit onderzoek te doen. Dit is op een zo transparant mogelijke manier gedaan. Dit toont ook aan hoe bruikbaar het onderzoek is, doordat het de gehele werkwijze laat zien.